vrouw zit op bank reflecteren journal

Feestdagen en familie: welke rol schiet jij automatisch in?

Waarom vaste momenten zo veel zichtbaar maken

De feestdagen brengen vaste momenten met zich mee. Dagen waarop dezelfde mensen samenkomen, dezelfde rollen terugkeren en dezelfde verwachtingen weer voelbaar worden. En precies daarom maken feestdagen iets zichtbaar: hoe jij je tot anderen verhoudt. Welke plek jij vanzelf inneemt in deze groep mensen.

Vaste momenten roepen vertrouwde reacties op. Je lichaam herkent de setting vaak al voordat je hoofd überhaupt heeft bedacht wat je ervan vindt. En dan merk je dat je automatisch inschikt, jezelf kleiner maakt of de sfeer bewaakt. Dat is lang je manier geweest om verbinding te houden. Misschien ook om jezelf te beschermen. Het gaat vanzelf, zonder dat je er actief voor kiest.

Wat deze setting wakker maakt

Feestdagen activeren wat bekend is. Je merkt misschien dat je weer degene wordt die overzicht houdt, rekening houdt met iedereen of spanning probeert te voorkomen. Gedrag dat ooit geholpen heeft. Het hield de boel bij elkaar. Het maakte je voorspelbaar, en voorspelbaarheid voelt voor een systeem vaak veilig.

Soms is dat ook het verhaal dat je al jaren meedraagt. Jij bent de regelaar. Jij bent de verbinder. Jij bent degene die het licht houdt als het anders te zwaar wordt. Dat zijn patronen die zijn ontstaan in contact met anderen. En wat dan zichtbaar wordt, is hoe automatisch je ze nog steeds inzet.

Ze hebben hun functie gehad. Alleen sluiten ze niet altijd meer aan bij waar je nu staat. En dan ga je wiebelen in zo’n samenzijn. Omdat jij veranderd bent terwijl de omgeving je nog steeds uitnodigt om dezelfde versie van jezelf te spelen.

Waarom aanschuiven soms een façade is

Soms schuif je aan terwijl je eigenlijk al voelt dat het niet meer klopt. Dat je er niet bent omdat je zo graag bij deze mensen wilt zijn. Maar omdat je niet alleen wil zijn op dagen die naar buiten toe worden gebracht als “samen met de mensen van wie je houdt”. Dan kan alleen zijn ineens voelen als: zie je wel. Ik heb niemand. Alsof het bewijs is dat niemand van jou houdt. Niemand bij jou wil zijn.

Alleen zijn op die dagen zegt niet automatisch iets over jouw waarde, of over hoeveel je geliefd bent. Het zegt vaak vooral iets over het verhaal dat aan deze dagen hangt, en over de druk die je voelt om mee te doen aan dat plaatje.

Soms is het ook gewoon een façade. Je zit aan tafel, je lacht op de juiste momenten, je speelt je rol, maar vanbinnen voel je je niet echt gewenst of op je plek. Je voelt je misschien leeg. Of je bent vooral bezig met volhouden, het moment doorkomen.

Voor mij is dat geen teken dat je harder je best moet doen om erbij te horen. Het is eerder een signaal dat je kring niet meer aansluit bij wie jij nu bent. Dat je toe bent aan nieuwe mensen. Nieuwe vrienden. Mensen bij wie je je ontspannen voelt, bij wie je niets hoeft te bewijzen of te dragen, en bij wie je gewoon welkom bent zoals je nu bent. Omdat je niet meer hoeft te passen in een plaatje dat al klaar ligt, maar zelf kiest waar je in wilt stappen.

Als het om familie gaat

Soms kun je er ook niet onderuit, omdat het om familie gaat. Daar zit geschiedenis, loyaliteit en een band die je niet zomaar uitzet. Je kunt afstand nemen, maar je blijft op een bepaalde manier verbonden.

Dan gaat het niet alleen over wel of niet gaan. Dan gaat het over hoe je gaat. Wat je wel draagt en wat niet meer. Hoe lang je blijft, welke gesprekken je wel voert en welke niet, en of je jezelf nog ergens hoeft te bewijzen.

Wat er onder je gedrag zit

Wat je tijdens feestdagen ziet, is dus niet alleen gedrag. Het is vaak een oud verhaal dat je ooit bent gaan leven. Niet uitgesproken, wel voelbaar. Als ik de boel soepel houd, blijft het oké. Als ik me aanpas, is er minder gedoe. Als ik lief ben, word ik niet afgewezen.

Dat soort verhalen zitten zelden als heldere zinnen in je hoofd. Ze zitten in je lijf als reflex, als een overlevingsmechanisme. Daardoor kun je sneller terugschieten in je oude rol dan je eigenlijk wilt.

De rollen die terugkomen

Rond vaste momenten komen die rollen vaak extra scherp naar voren. Degene die het allemaal regelt, de verbinder, de goedprater.

Het lastige is: die rollen hebben je ooit iets opgeleverd. Rust. Acceptatie. Minder conflict. Een gevoel van controle. Erbij horen.  Alleen komt er op een punt dat je de prijs ervan gaat voelen. Dat je jezelf net iets te vaak kwijt raakt in het contact. Dat je achteraf denkt: waarom deed ik dit weer. En dan gaat het wringen, omdat je ergens al voelt: dit past niet meer. Dit voelt niet meer oké.

Wat jou triggert is vaak kleiner dan je denkt

Triggers rond feestdagen zijn vaak klein en sociaal verpakt. Een grapje met een randje. Een vaste prik van kritiek. Een opmerking over je uiterlijk, je werk, je keuzes. Of iemand die jou al maanden negeert en met deze dagen doet alsof er niks aan de hand is. Het zijn die mini-momenten waarin je lichaam al reageert voordat jij iets kunt plaatsen.

Je merkt het aan signalen die bijna niemand ziet, behalve jij. Je voelt ongemak. Je adem schiet omhoog. Je lacht terwijl je eigenlijk iets anders voelt. Je past je aan, je stapt een stukje bij jezelf vandaan. Als je dit leert herkennen, ontstaat bewustwording. Om te zien: hier stap ik mijn oude gewoonte weer in.

Waar kleine verschuivingen ruimte geven

Verandering zit vaak niet in één groot gesprek aan tafel. Het zit in microkeuzes. In hoe je aanwezig blijft terwijl je in contact bent. Dat kan betekenen dat je later aansluit of eerder vertrekt. Maar het kan ook betekenen dat je een opmerking laat bestaan zonder hem glad te strijken. Dat je niet meteen nuance toevoegt om de ander comfortabel te houden. Dat je even niets zegt, terwijl je normaal zou invullen of fixen.

Soms zit het in minder doen. Minder jezelf uitleggen. Minder bewijzen. In niet alles hoeven onderbouwen wat eigenlijk vanzelfsprekend is. Dat zijn precies die momenten waarop je jezelf meeneemt, zonder dat je er een punt van hoeft te maken.

Taal die je kunt leren

Als je lijf al aan staat, is het lastig om ter plekke de juiste woorden te vinden. Dan hoef je niet meteen iets goeds te zeggen. Je hebt vooral een pauze nodig. Een paar simpele zinnen kunnen je die ruimte geven.

Denk aan: “Oké”, ik hoor je”, “Ik laat dit even liggen”, “Ik denk erover na”, “Ik kom er later op terug”.

En soms is de beste optie een actie: even drinken, even naar de wc, iemand anders een vraag stellen, het onderwerp subtiel verleggen. Want jij bepaalt waar je wel en niet op aan hoeft te gaan.

Aanwezig blijven in contact

Aanwezig blijven vraagt aandacht voor wat er in jou gebeurt. Voor spanning die opkomt. Voor de neiging om iets te herstellen of glad te strijken. Door dat op te merken ontstaat ruimte om anders te reageren.

En juist rond deze dagen wordt zichtbaar waar jouw oefenruimte zit.

Een kleine check in aan tafel

Je hoeft niet te wachten tot je thuis bent om terug te kijken. Juist in het moment zelf kun je even bij jezelf inchecken, zonder dat iemand het merkt.

Vraag jezelf:

  • Wat merk ik in mijn lijf

  • Waar ben ik mezelf aan het kwijtraken

  • Wat heb ik nu nodig om weer terug te komen bij mezelf

Dat brengt je terug naar jezelf. En dat is precies waar je invloed zit.

De feestdagen als oefenruimte

De feestdagen laten vaak glashelder zien wat er al veranderd is. In kleine dingen. In hoe snel je weer bij jezelf terugkomt. In wat je wél doet, en vooral in wat je laat. In hoe je aanwezig kunt zijn, zonder jezelf weer in te leveren om het gezellig te houden.

En ja, soms gaat het alsnog mis. Dan merk je achteraf pas dat je weer aan het dragen was, pleasen, je jezelf weer kleiner hebt gemaakt. Maar ook dat is waardevolle info. Hoe sneller je het doorhebt, hoe sneller je kunt bijsturen.

En dat is groei 💜

Als je voelt dat dit soort dagen je makkelijk terugtrekken in oude rollen, dan is mijn gids ‘eerste hulp bij terugval’ een mooie tool om even te landen. Om terug te kijken naar wat er gebeurde en jezelf weer terug te halen naar wat voor jou klopt.